Lexicon

Het lexicon verzamelt alle namen van personen en van gebeurtenissen die ook reeds in de noten van de afzonderlijke vertalingen te vinden zijn. Daarnaast werd het lexicon aangevuld met uitleg over muziektermen, voor zover ze kunnen bijdragen tot een beter begrip van inleidende teksten, levensbeschrijvingen enz.

Lees verder

Voor wie nog meer informatie wenst over muzikale begrippen, verwijzen wij graag naar het handige boekje van Ignace Bossuyt: Van noten en tonen – Wegwijs in muzikale begrippen, een uitgave van het Davidsfonds/Leuven.

Momenteel zijn er enkele zeer interessante boeken op de markt voor al wie zich wil verdiepen in mythologie. Een bruikbare gids, die als inleiding kan dienen, vonden wij in het boekje van Joseph Kaster: Putman’s Concise Mythological Dictionary, in het Nederlands vertaald door Ivo Gay onder de titel Poort naar de klassieken – Mythologisch namenboek, uitgegeven bij Uitgeverij de Prom/Baarn.

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

Q

R

S

T

U

V

W

X

Y

Z

< A >

Absyrtos

Een zoon van  Ӕëtes en broer van Medea. Achternagezeten door Ӕëtes nadat ze samen met Jason het Gulden Vlies had geroofd, doodde Medea Absyrtos, sneed hem in stukken en gooide de lichaamsdelen in zee, in de hoop dat Ӕëtes zijn achtervolging zou staken om de stukken te verzamelen en voor een correcte begrafenis te zorgen, wat hij ook deed.

In een andere versie wordt beweerd dat Absyrtos Jason en Medea had ingehaald, maar vermoord werd door Medea op een aan de kust van Illyrië gelegen eiland, dat met de omliggende eilanden de groep uitmaakte, die naar hem de Apsyrtische Eilanden (Cres en Lošinj) werden genoemd.

Achsaf

Een stad in het gebied van de stam der Aserieten, gelegen tussen Beten en Allammelech (cfr. Joshua 19, 25). Oorspronkelijk de hoofdstad van een Kanaänitische koning, veroverd door de Israëlieten. De naam ak’-shaf staat voor tovenarij, maar ook voor charme, bekoring, aantrekkingskracht.

Admetos

Koning van Pherae in Thessalië en gehuwd met Alkestis, dochter van Pelias (zie ook Alkestis).

Ӕgipanen

Bosgoden, half-mens half-dier, meestal met poten en oren van een geit en soms met de staart van een vis.

Agenor

Zoon van Poseidon en vader van o.a. Cadmus, de stichter van Thebe en vader van Semele.

Alecto

De onverzoenlijke, een van de Furiën.

Aloaden (of Aloïden)

Twee mythische reuzen, met name Otus en Ephialtes, zoons van Poseidon/Neptunus en Canace. Ze waren beducht om hun lichaamskracht en durf. In hun prille jeugd hielden ze de oorlogsgod Ares dertien maanden gevangen en toen ze negen waren, voerden ze oorlog met de Olympische goden en ze zouden de bergen Ossa, Pelion en Olympus op mekaar hebben gestapeld om zo de hemel te bestormen, als Apollo hen niet met zijn pijlen dodelijk zou hebben getroffen.

Amazonen

Een mytisch volk van krijgshaftige vrouwen, dat leefde aan de zuidkust van de Zwarte Zee. Zij werden geregeerd door een koningin en bij de meisjes werd de rechterborst weggebrand om gemakkelijker de boog te kunnen hanteren (Grieks: a, on- of -loos, mazos, borst). Tijdens de Trojaanse Oorlog kwamen ze Troje ter hulp onder leiding van hun koningin Penthesilea, die door Achilles werd gedood.

Ammonieten

De Ammonieten waren een Semitisch volk, dat woonde tussen de Syrische woestijn en de Jordaan. De Ammonietische beschaving duurde ongeveer zeven eeuwen, van de 13de tot de 6de eeuw v. Chr. In de Bijbel staan diverse verhalen over oorlogen tussen de Ammonieten en de Israëlieten. Een van de verhalen gaat over Jephtha, die Jahweh beloofde om, na een overwinning op de Ammonieten, de eerste persoon te offeren die hij bij zijn terugkeer zou ontmoeten.

Amphitrite

Een van de Nereïden. Ze werd beschouwd als Poseidons vrouw en als koningin van de zeeën, vooral de Middellandse Zee.

Antaeus

Legendarische reus, zoon van Poseidon en Gaia. Hij dwong alle vreemdelingen die voorbijkwamen met hem te worstelen, om ze vervolgens te doden. Hij was onoverwinnelijk zolang hij in aanraking bleef met de aarde, met Gaia, zijn moeder. Herakles doodde hem door hem in de lucht te tillen en te wurgen.

Apollo

Zoon van Zeus en zijn geliefde Leto. Apollo had verscheidene bevoegdheden die alle min of meer met elkaar verweven waren. Hij is de god van de voorspelling en de waarzeggerij. Als ziener is hij schutsheer van dichtkunst en muziek en leider der Muzen en als profeet is hij schutsheer van de geneesmiddelen en de geneeskunde. Hij kan ook als doder optreden en als dusdanig wordt hij voorgesteld als boogschutter, de treffer van verre, die met zijn pijlen dood en verderf zaait. Hij wordt ook in verband gebracht met de zon, wat hem het epitheton Phoebos, de stralende, oplevert.

Arcadië

Landstreek in Griekenland in de Peloponnesos. Arcadië was in de Oudheid het enige Griekse landschap dat niet aan de zee grensde. Door de afgelegen ligging bood het zijn bewoners weinig overlevingskansen: grootschalige landbouw was er nagenoeg onmogelijk, het merendeel der bevolking leefde als herder en vele Arcadiërs zochten hun fortuin elders als huursoldaten. Het imago van een idyllisch, paradijselijk land van fluitspelende herders en wulpse herderinnetjes kreeg Arcadië pas door de bucolische poëzie. Het land symboliseerde in de Oudheid de afwijzing van iedere vorm van stadscultuur, met haar consumptiemaatschappij en haar gewelddadige conflicten. Tegenover deze ‘corrupte’ stadswereld werden de echte waarden gesteld: liefde voor de natuur, voor de ongekunstelde schoonheid, voor de muziek.

Ares

Volgens Homeros erfde hij zijn opvliegende karakter van zijn moeder. Hij is vooral de personificatie van de blinde, bloeddorstige woede, tegengesteld aan Athena, die staat voor de oorlog als krijgskunst.

Hij wordt gelijkgesteld met de Romeinse god Mars.

Argus

Toen Zeus verliefd werd op Io, vreesde hij de wraak van zijn vrouw Hera. Daarom veranderde hij Io in een jonge koe. Maar Hera doorzag de gedaanteverandering en liet het dier bewaken door de honderdogige reus Argus, die zelfs al slapend één oog openhield.

Ars Nova

Muziekstijl genoemd naar het gelijknamige traktaat van Philippe de Vitry (1291-1361) uit 1322/23, dat een stijlbreuk betekende met eerdere generaties en door Philippe de Vitry als oude kunst, Ars Antiqua, werd bestempeld. Hij en zijn tijdgenoten ervaarden, ondanks pauselijke tegenkanting, hoe langer hoe meer de behoefte te mogen experimenteren met complexere ritmische en melodische structuren, wat het gebruik van een verfijndere muzieknotatie noodzakelijk maakte en leidde tot het invoeren van de isoritmie (zie aldaar).

Vooral Guillaume de Machault (ca. 1300-1377) slaagde er, dankzij zijn poëtisch en muzikaal talent, in om uit te stijgen boven het beklemmend technisch geëxperimenteer waarin de Ars nova dreigde te verzanden. 

Astraea

Dochter van Zeus en Themis. Zij was, vereenzelvigd met haar moeder, godin van het recht. Toen na de Gouden Eeuw het kwaad onder de mensen toenam en de goden de woonplaatsen van de stervelingen verlieten, was Astraea de laatste die wegging.

Atlas

Als zoon van de Titanen werd Atlas, na de nederlaag van de Titanen in hun oorlog met de Olympiërs, veroordeeld de hemel op zijn schouders te torsen.

Atlas speelde een rol bij de twaalf werken van Herakles. Deze laatste kreeg van Eurystheus de opdracht om de gouden appels uit de tuin van de Hesperiden te stelen, maar een sterveling kon dit niet ongestraft doen, omdat de boom een huwelijksgeschenk was van Gaia aan Zeus en Hera. Daarom ging Herakles naar Atlas, volgens sommige bronnen de vader van de Hesperiden, en vroeg Atlas of hij de appels voor hem wilde plukken, terwijl hij het hemelgewelf even van hem zou overnemen. Maar toen Atlas terugkwam met de appels, wilde deze het hemelgewelf niet opnieuw overnemen en stelde voor om zelf de appels af te leveren bij Eurystheus. Herakles gebruikte een list en vroeg of Atlas heel even de last wilde overnemen, zodat hij een doek op zijn schouders kon leggen, om het gewicht draaglijker te maken. Toen Atlas de hemel weer even optilde, wandelde Herakles weg met de appels …

In een andere versie zou Herakles zuilen hebben gebouwd, die de hemel konden dragen (de zuilen van Hercules/Herakles) en bevrijdde hij zo Atlas van zijn straf.

Avernus

Het Lago Averno (het Avernische meer) gold in de Romeinse mythologie als de ingang tot de Onderwereld.

Acheron

Benaming voor verschillende rivieren, die zouden stromen door de Onderwereld. Als metafoor de aanduiding van de Onderwereld zelf.

Adamant

Afgeleid van het Griekse adamas (αδαμας), wat ontembaar betekent. De term verwijst naar hard materiaal, opgebouwd uit diamant, andere edelstenen of een harde metaalsoort. Adamant en de bijvoeglijke vorm adamantine hebben vooral een poëtische en figuratieve betekenis en worden enkel in mythologische context gebruikt.

Ӕgeus

Koning van Athene en vader van Theseus. Deze laatste had zijn vader beloofd witte in plaats van zwarte zeilen te hijsen als de missie naar Kreta succesvol was afgelopen. Maar hij vergat dit te doen en toen Ӕgeus vanop de Arkopolis in de verte zwarte zeilen zag naderen en dacht dat zijn zoon omgekomen was, stortte hij zich in zee die sindsdien haar naam aan hem ontleent: de Egeïsche Zee.

Aeolus

(Gr. Aiolos). Een zoon van Poseidon en heerser over het eiland Aeolia. Door Zeus aangesteld tot meester der winden (Boreas, de noordenwind, Notos, de zuidenwind, Euros, de oostenwind en Zephyros, de westenwind), die hij in grote grotten vasthield.

Alcides

Zoon van de Kracht, zoals Herakles heette, vooraleer hij op bevel van de Pythia zijn andere naam aannam. Volgens anderen werd hij aldus genoemd, omdat hij via zijn moeder, Alcmenae, afstamde van Alcaeus.

Alkestis

Dochter van Pelias, koning van Iolkos. Zij huwde Admetos, koning van Pherae. Admetos’ leven zou door de schikgodinnen gespaard worden als iemand anders zijn plaats wou innemen in de onderwereld. Alkestis offerde zich op. In Euripides’ drama versloeg een toevallig passerende Herakles de Dood en schonk Alkestis terug aan haar man. In een andere versie stuurde Persephone, geroerd door Alkestis’ trouw haar terug.

Amalekiet

Vermoedelijk waren de Amalekieten nomaden en woonden zij in de woestijn aan de andere kant van de Schelfzee tegenover Egypte. Amalekieten worden echter buiten de Bijbel nergens in bronnen uit de tijd zelf genoemd en er is ook geen enkele archeologische aanwijzing voor hun bestaan.

In de Bijbel zijn de Amalekieten het volk dat niet mag bestaan. In het boek Genesis worden alle volken op aarde genoemd maar de Amelekieten staan hier niet bij. Ze vertegenwoordigen het archetype voor alles wat slecht is. Ook wordt van de Amalekieten gezegd dat ze kinderoffers brengen.

In Samuel/Boek 1 krijgt koning Saul via de profeet Samuel van Jahweh de opdracht de Amalekieten en al hun vee volledig uit te roeien. Na zijn overwinning doodt Saul alle Amalekieten, behalve de koning ; ook de beste stuks vee worden gespaard. Dit wordt hem door Jahweh zeer kwalijk genomen. Samuel voorspelt Saul dat deze ongehoorzaamheid ervoor zal zorgen dat zijn koningschap zal beëindigd worden.

Amor

Synoniem voor Cupido, de Romeinse versie van de Griekse Eros. Hij is de god van de liefde en de seksuele begeerte en wordt voorgesteld als een mooie naakte gevleugelde jongeling of als jongetje. Hij is het zoontje of het hulpje van Venus (Aphrodite), die blindelings met zijn liefdespijlen de mensen treft.

Andromeda

Zij was de dochter van Cepheus, koning van Ethiopië en koningin Cassiopea. Toen Cassiopea pochte dat haar dochter de Nereïden in schoonheid overtrof, zond Poseidon als straf voor deze vorm van hybris (overmoed) een zeemonster om het land te verwoesten. Het orakel van Ammon beloofde bevrijding van het land als Andromeda aan het monster werd overgeleverd. Cepheus ketende daarom zijn dochter aan een rots op het strand, maar ze werd bevrijd door Perseus, die het monster doodde toen het opdook om haar te verslinden. Als beloning ontving Perseus haar als echtgenote. Na haar dood werd Andromeda, evenals Perseus, Cepheus en Cassiopea onder de sterren opgenomen, waarbij dient opgemerkt dat Cassiopeia, vanwege haar ijdelheid, ondersteboven werd geplaatst.

Aphrodite

Godin van de liefde, de schoonheid en de seksuele vervoering.

Aranda

Een streek in de Spaanse provincie Zaragoza. Aranda wordt heden ten dage als een comarca omschreven, wat overeenkomt met een shire in Groot-Brittannië.

Arcturus

Ster uit het sterrenbeeld Ossenhoeder.

Argos

Belangrijke Griekse stad in de Peloponnesos. Homeros betittelde Argos met het epitheton “paardenfokkende”, wat naar zijn rijkdom verwees. Bij Homeros is de stad, met als koning Diomedes, zelfs belangrijker dan Mykene en Tyrins, maar in de praktijk werd het door Mykene overvleugeld. In de klassieke tijd liet Argos zich nooit domineren door het machtige Sparta, dat het grootste deel van de Peloponnesos tot zijn invloedssfeer rekende.

Ars Antiqua

Of ‘Oude kunst’, de naam die door Philippe de Vitry (1291-1361) in zijn traktaat Ars Nova (1322/23) gegeven werd aan de muziek van de eerdere generatie componisten rond de Notre-Dame school van Parijs (vanaf de 2de helft/12de eeuw). Componisten als Leoninus (2de helft/12de eeuw), Perotinus Magnus (ca. 1160-1220) en Petrus de Cruce (2de helft/13de eeuw) zorgden toen voor een belangrijke ontwikkeling, die zou leiden naar nieuwe vormen van meerstemmigheid, aanvankelijk nog sterk verbonden met het gregoriaans maar uiteindelijk o.a. uitmondend in het drie- en vierstemmig motet, dat tot een van de belangrijkste muziekvormen van de volgende eeuwen zou uitgroeien.

Ashtoreth

Andere naam voor Astarte, de Phoenisische godin van de vruchtbaarheid, seksualiteit en oorlog.

Athena

Griekse godin van zowel oorlog als wijsheid, met wie de Romeinen hun godin Minerva gelijkstelden. Naast haar wapenrustung was haar normale attribuut de uil, schutsvogel van de stad Athene. Zij werd beschouwd als maagdelijk (parthenos) en de Parthenontempel in Athene was de belangrijkste tempel waar zij werd vereerd.

Aurora

De Romeinse godin van de dageraad.

Azotus

Het hedendaagse Asjdod, een havenstad in Israël. De stad werd Azotos genoemd door de Grieken en Azotus vanaf de Hellenistische tijd.

< B >

Baäl

Vruchtbaarheidsgod in de oude Syrisch-Kanaänitische mythologie. Zijn attributen zijn de bliksem, de regen en de zich voortplantende krachten van de natuur. Samen met de godin Anath, zijn geliefde en partner, is hij de hoofdpersoon in de mythologische teksten van de stad Oegarit.

Basilisk

Een basilisk is een mythisch reptiel, dat verwant zou zijn aan de slangdraak. In middeleeuwse documenten kreeg het dier vogelpoten (meestal twee, soms wel tot acht), een kronkelende staart met schubben, een hanenkop, vleugels en een slangentong. De basilisk was een dier uit de Onderwereld, waardoor hij een afgrijselijke stank met zich meenam. Zijn ogen waren kwaadaardig geel.

Bellona

Romeinse oorlogsgodin. Haar naam is afgeleid van het Latijnse woord bellum, oorlog. Soms wordt ze beschouwd als de zuster, moeder of dochter van Mars en gelijkgesteld met de Griekse Enyo.

Bacchus

Bacchus is de naam waarmee Dionysos in de Latijnse literatuur wordt aangeduid, maar ook de Grieken gebruikten soms de naam Bacchus als het Dionysos betrof. Hij is de god van de ontzagwekkende kracht en enorme vruchtbaarheid van de natuur en van de goddelijke extase die wordt ingegeven door overgave aan en vereniging met de machtige, irrationele krachten van de voortplanting.

Basso continuo

Zie bij de termContinuo’.

Boreas

De Griekse god van de noordenwind, die in de Romeinse mythologie Aquilo werd genoemd.

< C >

Cadmus

Een zoon van Agenor, koning van Tyrus in Fenicië en broer van Europa. Toen zijn zus door Zeus, vermomd als stier, werd benaderd en geschaakt, stuurde Agenor zijn zonen uit om haar te zoeken. Enkel Cadmus bleef zoeken, maar slaagde uiteindelijk toch niet in zijn opdracht. Daarom wendde hij zich tot het orakel van Delphi. Hij kreeg te horen dat hij een witte stier moest volgen tot op de plaats waar deze zich zou neerleggen om te rusten. Cadmus vond het dier in Phokis en volgde het tot het zich uitgeput in Boeotië neervlijde. Cadmus doodde de stier, offerde hem aan Pallas Athena, waarna hij zijn reisgenoten ertoe aanzette een bron te zoeken. Zij vonden er een, bewaakt door de draak van de oorlogsgod Ares. De volgelingen van Cadmus werden verscheurd, maar Cadmus kon het monster doden. Pallas Athena raadde Cadmus aan de tanden van de draak uit te strooien om dappere krijgers te oogsten die zijn te stichten stad zouden helpen beschermen. Toen inderdaad krijgers opschoten begonnen ze met elkaar te vechten en moorden mekaar uit ; slecht vijf overleefden: Chthonius, Echion, Hyperenor, Oudaeus en Pelorus. Zij werden de stamvaders van het Thebaanse volk.

Capitolijn

Een van de heuvels van Rome, waar zich enkele van de belangrijkste tempels en altaren bevonden. De zuidzijde gaf uit op de Tarpeïsche rots waar in de republikeinse tijd mensen, die veroordeeld waren wegens landverraad, vanaf werden gegooid.

Cerberus

De hellehond die de ingang tot de Onderwereld bewaakte. Aanvankelijk werd hij beschreven als een hond met vijftig of honderd koppen, maar later werd hij afgebeeld met slechts drie koppen en de staart van een slang.

Cham

In psalm 78:51 en 105:23 wordt met ‘het land van Cham’ Egypte bedoeld. De naam staat ook voor een van de zonen van Noach.

Chimaera

Een vuurspuwend mythologisch monster, deels leeuw, deels geit en deels draak, dat Lycië teisterde en uiteindelijk door Bellerophontes werd gedood.

Cithaeron

(of Kithairon). Gebergte in Griekenland op de westelijke grens tussen Bœotië en het land van Kekrops, de mytische stichter en eerste koning van Athene.

Cocytus

‘De rivier der zuchten’, een van de mythische rivieren die door de Onderwereld stroomde.

Continuo

Of basso continuo, een uit getallen en chromatische tekens bestaande muzieknotatie die op de partituur van een muziekstuk boven de basstem stond genoteerd. Uit deze stenografische notatie kon de continuo-speler de harmonieën, respectievelijk de bovenstemmen van het muziekstuk reconstrueren.

Tijdens een uitvoering werd de basso continuo gerealiseerd door een of meer akkoordinstrumenten (klavier- en/of tokkelinstrument) die de harmonieën speelden en versieringen aanbrachten. Deze akkoordbegeleiding werd aangevuld door een laag klinkend snaar- en/of blaasinstrument (cello, viola da gamba, fagot) dat voor een melodische opvulling zorgde.

Omdat de realisatie van de harmonieën op elk ogenblik het skelet van de compositie weerspiegelde, had de continuo-speler een belangrijke functie in het ensemble en gaf hij vaak de inzetten aan, bepaalde het ritme en trad hij op als een soort dirigent van het ensemble. De continuo-instrumenten werden dan ook centraal opgesteld met daaromheen de andere instrumenten en zangers.

Deze stenografische muzieknotatie werd vanaf ca. 1580 quasi steeds toegepast op de meeste muzikale composities (tenzij er specifieke redenen waren om de basso continuo niet te laten horen) en bleef tot ver in de 18de eeuw in gebruik. De praktijk was zo algemeen dat de baroktijd in de muziek door de Duitse muzietheoreticus Hugo Riemann (Karl Wilhelm Julius, 1849-1919) met de Duitse benaming voor basso continuo, Generalbass, werd betiteld als Generalbasszeitalter.

Cyclopen

Reuzen die zo werden genoemd omdat ze één oog in het midden van hun voorhoofd hadden. Omdat ze behoorden tot de opstandige Titanen werden ze door Kronos in de Tartaros (zie aldaar) geworpen, maar ze werden later door Zeus vrijgelaten en ze smeden voor hem zijn bliksemschichten. In verband daarmee werd hun later toegeschreven dat ze Hephaistos hielpen in zijn smidse, gelegen ergens onder de Etna. Homeros voert hen ten tonele als een ras van reuzen die mensen verslinden en geen eerbied voor Zeus hebben.

Cytherea

Epitheton bij Venus, die volgens een overlevering bij het Griekse eiland Cythera uit de zee zou zijn opgerezen. Anderen situeren dit gebeuren op Cyprus.

Cantus firmus

Latijn voor ‘vaste zang’. Een terugkerende melodie, aanvankelijk meestal vanuit het gregoriaans, als basis voor een polyfone compositie. De cantus firmus wordt in langere notenwaarden uitgevoerd zodat de bovenstemmen hun polyfone weefsel kunnen uitwerken.

In de vocale barokmuziek voor de protestantse eredienst houdt de cantus firmus vaak een koraalmelodie aan.

Centurio

Romeinse bevelhebber over een centurie, dit zijn in principe honderd legioensoldaten, maar in de praktijk bestond deze gevechtseenheid meestal slechts uit tachtig manschappen. Zes centuriën vormden een cohorte met aan het hoofd van elke centurie een centurio. De centurio van het eerste centurie, de primipilus gold als de belangrijkste in graad en was voorbehouden aan degenen die uitzonderlijke moed (virtus) hadden getoond in de strijd, maar ook geletterd waren.

De centurio stond in voor de opleiding, de dagelijkse karweitjes en de discipline van zijn manschappen. Hij kon worden herkend aan zijn wijnstok (vitis), zijn eretekens op de borst (phalerae) en de dwars geplaatste kam met pluimversiering op zijn helm.

Ceres

Romeinse godin, overeenkomend met de Griekse Demeter.

Charon

De veerman in de Onderwereld die de schimmen van de doden in zijn boot over de rivier de Styx zette en ze aldus naar het rijk van Hades bracht.

Circassia

Landstreek in het noorden van de Kaukasus aan de kust van de Zwarte Zee.

Clio

Muze van de geschiedenis, veelal afgebeeld met een boekrol of schrijftabletten.

Comus

Bij de Romeinen de god van de vreugde en het goede eten ; in die hoedanigheid was hij de voorzitter van alle banketten en feesten, plengoffers, nachtelijke dansen en de excessen van libertijnse gedrag.

Cupido

De liefdesgod Cupido, van het Latijnse woord ‘cupido’, begeerte. Bedoeld wordt de gevleugelde Amor (de Griekse Eros). Bij uitbreiding zijn cupido’s, de gevleugelde mollige kinderfiguurtjes, die vaak voorkomen op schilderijen met liefdestaferelen. 

Cynthia

< D >

Dagon

(of Dagan) was een vruchtbaarheidsgod en god van het koren en de landbouw in de Kanaänietische en in de Mesopotamische mythologie, die vereerd werd door de vroegere Amorieten, door de volken van Ebla en Oegarit en door de Philistijnen.

Decennalia

Een tienjaarlijkse viering in het Oude Rome, gepaard gaande met de uitgifte van munten, de organistaie van spelen en het oprichten van monumenten. De oorsprong van de viering ging terug op het jaar 27 v.C., toen Augustus het aanbod weigerde levenslang het opperste gezag uit te oefenen. Hij wou dit enkel voor tien jaar, waarna hij alle macht terug zou overdragen aan het volk. Op zijn beurt zou het volk, gecharmeerd door de goedheid van Augustus, hem meteen voor nog eens tien jaar de macht terugschenken. De gedachtenis aan dit gebeuren werd tot het einde van de keizertijd in stand gehouden door de Decennalia, hoewel na Augustus de toekenning van de keizerlijke macht levenslang gold.

Diana

Romeinse versie van de Griekse godin Artemis, die voornamelijk in verband werd gebracht met de natuur, de vruchtbaarheid en de geboorte. De nadruk werd gelegd op haar gedaante van maagdelijke jageres op wilde dieren en schutsvrouw van de kuisheid. Zoals andere vruchtbaarheidsgodinnen werd Diana/Artemis gekoppeld aan de nacht en de maan. In tegenstelling hiermee werd haar tweelingbroer, Apollo, gerelateerd aan de zon.

Dis

Dis of Dispater is een samentrekking van het Latijnse Dives en Pater, Rijke Vader of Vader Weelde, de Oud-Romeinse heerser van de Onderwereld. Zijn naam komt overeen met de Griekse Ploutos, wat eveneens rijkdom betekent en verwijst naar de rijkdom aan edelstenen en metalen onder het aardoppervlak. In het klassieke Rome werd de god geïdentificeerd met de Griekse Hades, heerser van de Onderwereld. De term werd ook gebruikt om de Onderwereld aan te duiden.

Doris

Een Oceanide, dochter van Oceanus en Tethys.

Daphne

Een Griekse nimf die werd nagejaagd door Apollo en bad dat hij haar nooit zou kunnen bezitten. Daarom werd ze veranderd in een laurierboom, die de lievelingsboom van Apollo werd.

Demeter

Belangrijke Griekse aardgodin. Zij brengt de vruchten der aarde voort, vooral de diverse graansoorten. Demeter was de godin van de Mysteriën van Eleusis, waarvan het ritueel was gebaseerd op de ontvoering van haar dochter Persephone (Lat. Proserpina ; zie ook aldaar) door Hades, god van de Onderwereld. In de gehele klassieke Oudheid kwamen leden van alle sociale klassen uit het Middellandse-Zeegebied naar Eleusis om te worden ingewijd in haar Mysteriën, en die te vieren.

Dione

Oergodin, een der vrouwelijke Titanen. Volgens Homeros de godin van de vervulling, tegenover haar dochter Aphrodite, godin van het verlangen.

Dondergod

Epitheton bij Zeus/Juppiter, de oppergod, hanteerder van donder en bliksem.

Dryaden

Figuren uit de Griekse mythologie. Dryaden zijn boomnimfen die eruitzien als mooie vrouwen.

< E >

Echo

zie Narcissus.

Elysium

Het Elysium was in de Romeinse godsdienst een geheel van het aardse leven afgescheiden plaats in de Onderwereld, waar de gelukzaligen vertoefden.

Erebus

Personificatie van het oerduister in de oude Griekse kosmologie, die samen met Nox (Nacht) ontsproot aan Chaos. Later werd Erebus de duistere streek onder de aarde, waardoorheen de schimmen moesten lopen om de Onderwereld te bereiken. Erebus wordt ook als metafoor voor de Onderwereld gebruikt.

Estampida

De estampie is een middeleeuwse dans die reeds in de 12de eeuw wordt vermeld. De etymologie van de term is onzeker; er zijn verschillende mogelijkheden, waaronder stampen in het Germaans (slaan met de voet of stampen in een vijzel) en stampir in het Provençaals (slaan met de voet).

Euphrosyne

Letterlijk ‘de vrolijkheid’. Een van de drie Gratiën, naast Thalia, de bloei en Aglaia, de schittering. De Gratiën verpersoonlijkten de charme en de schoonheid in de natuur en in het menselijk leven.

Eirene

In de Romeinse godsdienst komt zij overeen met Pax, Vrede. Met haar Griekse afstamming van Themis, Rechtvaardigheid, wordt tot uitdrukking gebracht dat de vrede haar oorsprong vindt in rechtvaardigheid. Door de onverbrekelijke band met haar verschijningsvorm Dikè, de personificatie van het Recht en Eunomia als de manifestatie van Ordening (of regering) werd het belang van recht en orde voor de bestendigheid van de vrede onderstreept.

Endymion

Een mooie herder uit Klein-Azië die door de maangodin Selene, de oudere naam voor Artemis/Diana, werd bemind. Zij dompelde hem in een diepe slaap, zodat zij hem onafgebroken kon beminnen. Endymion, die in zijn sluimering de hoogste zaligheid smaakte, smeekte zijn vader Zeus om de situatie eeuwig te laten voortduren en daarbij een eeuwige jeugd te mogen behouden, en Zeus stond hem die bede toe.

Erycina

Een epitheton bij Aphrodite (de Romeinse Venus), verwijzend naar haar tempel op Sicilië bij de stad Eryx.

Eumeniden

In de Griekse mythologie een eufemisme voor de Erinyen, de wraakgodinnen: in de hoop hen niet te verstoren werden deze kwalijke wezens daarom ‘de welgezinden’ genoemd. (Zie ook Furiën) 

< F >

Fama

De godin van de roem en het gerucht in de Romeinse mythologie.

Faun

Faunen zijn de Romeinse equivalenten van de Griekse Saters, bosgoden die de weelderige, vitale krachten van vruchtbaarheid en natuur verpersoonlijken. ze worden afgebeeld met puntige oren, bokkenpoten, horens en stijve fallus.

Flora

een Romeinse godin, de verpersoonlijking van de bloeiende lentebloesem.

Furiën

De Furiae of Dirae (de verschrikkelijken) zijn de Romeinse namen van de Erinyen, figuren uit de Griekse mythologie. Ze zijn wraakgodinnen, en achtervolgen en kwellen degenen die iets misdaan hebben. Ze wonen in de Onderwereld en komen op aarde als er een misdadiger met hun wraak gestraft moet worden. De Furiën zijn drie vrouwen: Alecto, de nooit ophoudende (de onverzoenlijke), Megaera, de afkeurende en Tisiphone, de straffende. Ze vertegenwoordigen de verschillende aspecten van bestraffing. Ze worden voorgesteld als gevleugelde maagden met slangen in hun haar en bloed dat uit hun ogen drupt.

Fatum

Goddelijke verpersoonlijking van het (nood)lot bij de Romeinen.

Ferraù

Wordt o.a. ook Ferragut, Ferragus, Ferraguto, Ferracutus, Fernagu genoemd. Een Moorse paladijn, soms voorgesteld als een reus o.a. in Orlando furioso van Ludovico Ariosto. Hij was onkwetsbaar, behalve ter hoogte van zijn navel en werd door Roeland in een gevecht gedood.

Fortuna

Fortuna, of Fanum Fortunae, was de Romeinse godin van het toeval of van het lot, zowel van het geluk als van het ongeluk. Men spreekt over Fortuna bona en Fortuna mala, want het is een wispelturige godin die in het bijzonder het onverwachte en het onverhoopte in het menselijk bestaan belichaamt.

< G >

Genius

De genius was de beschermgeest die aan een mannelijk kind werd toegewezen vanaf zijn geboorte en die hem zijn ganse leven vergezelde en onafscheidelijk met hem verbonden bleef. Vrouwen hadden geen genius, maar een iuno. Niet enkel personen maar ook de landbouw, de jacht, streken en plaatsen hadden hun genius.

Gratiën

Oorspronkelijk Griekse godinnen, de Charites, die de verpersoonlijking waren van charme en schoonheid in de natuur en in het menselijk leven. Hoewel gewoonlijk beperkt tot drie, namelijk Euphrosyne (vrolijkheid), Thalia (bloei) en Aglaia (schittering), vermelden meerdere auteurs ook andere namen.

Gorgonen

Drie schrikwekkende zusters, Sthenno, Euryale en Medusa, dochters van de zeemonster-godheden Phorcys en Ceto. De eerste twee Gorgonen waren onsterfelijk, terwijl de derde en beruchtste, Medusa (zie aldaar), sterfelijk was.

< H >

Hamadryaden

Griekse nimfen die in de bomen, vooral eikenbomen wonen. Omdat zij de bezielende geesten zijn van de boom, sterven ze met de boom die ze bewonen. Stervelingen die een boom beschadigen worden door deze nimfen gestraft.

Hebe

De dochter van Zeus en Hera en verpersoonlijking van de jeugd. Zij was schenkster der goden, voordat Zeus Ganymedes naar de Olympos bracht.

Helicon

Uitloper van het Pindusgebergte in Boeotië, verblijfplaats van de Muzen.

Herakles

Herakles was een zoon van de oppergod Zeus en Alcmenae, een prinses die getrouwd was met Amphitryon. Zeus verleidde Alcmenae tijdens de afwezigheid van haar echtgenoot, wat leidde tot de geboorte van Herakles. Hera, de gemalin van Zeus, was verbolgen over het overspel van haar man en zond twee slangen naar de wieg van Herakles, maar ze werden door het wonderkind tijdens het spelen gewurgd. Ook daarna bleef Hera’s woede Herakles achtervolgen: door haar werd Herakles op een dag door waanzin getroffen en vermoordde hij zijn drie kinderen. Om zichzelf te redden van de wraakgodinnen moest hij in dienst treden bij koning Eurystheus (koning van Mykene, Tiryns of Argos?) en alle taken verrichten die hij opgedragen kreeg. Eurystheus liet Herakles twaalf onmenselijk zware werken verrichten, die hij telkens tot een goed einde bracht. (Zie ook Werken van Herakles)

Hercules

Latijnse versie van de Griekse Herakles, een zoon van Zeus, die beroemd was voor zijn bovenmenselijke kracht en om de werken die hij in dienst van koning Eurystheus verrichtte en tot een goed einde bracht. De Romeinen namen het personage over onder de naam Hercules en vereerden hem als godheid.

Hermes Trismegistus

Een mythische figuur, wiens naam ‘Hermes de driemaal grootste’ betekent, namelijk de grootste filosoof, priester en koning. Hermes Trismegistos is de Griekse naam van de Egyptische god van de wijsheid en het schrift, Thoth.

Hij was een inspiratie voor de westerse esoterie, met name voor de westerse alchemie en de westerse astrologie. Gedurende de Middeleeuwen werd een reeks geschriften aan hem toegeschreven, bekend onder de naam Hermetica, waaronder De Smaragden Tafel en het Corpus Hermeticum, die de kern vormen van de esoterische wetenschappen.

Hondster

of Sirius, de helderste stem uit het sterrenbeeld Grote Hond.

Hyacinthus

Een beeldschone jongeling, bemind door Apollo en Zephyrus (de personificatie van de westenwind), maar hij beantwoorde hun liefde niet. Toen Hyacinthus samen met Apollo aan het discuswerpen waren, blies de jaloerse Zephyrus de discus van Apollo uit zijn baan en trof het hoofd van Hyacinthus, die ter plaatse stierf. Uit zijn bloed liet Apollo de bloem ontluiken die de naam hyacint draagt.

Hydra

Zevenkoppige, vuurspuwende draak, die de moerassen van Lerna in Argolis teisterde. Hij werd door Herakles gedood.

Harmonia

Zie onder Hermione.

Hekate

Oude, pre-Olympische Griekse aardgodin van vruchtbaarheid en magische krachten. Van Zeus ontving zij een deel goddelijke macht in de heerschappij over de hemel, de aarde en de zeeën. Zij heerste over de fortuin in alle aspecten van het leven en de groei van kinderen naar de puberteit. Later werd zij in verband gebracht met de Onderwereld en de nacht, met geesten en demonen, magie en toverij. Bezweerders en tovenaressen waren haar bijzondere beschermelingen. Ze werd vooral aangeroepen door vrouwen tijdens de geboorte van hun kind.

De Grieken beeldden haar niet vaak af, maar beschreven haar als een godin met drie hoofden: een van een hond, een paard en een slang of leeuw. De oorsprong van Hekates cultus ligt waarschijnlijk in Karië, Anatolië. Ook zou ze twee spookhonden bij zich hebben, en haar komst werd aangekondigd door het blaffen van een hond.

Helios

Griekse god van de zon (Sol, bij de Romeinen), zoon van de titaan Hyperion (een zoon van Ouranos en Gaia) en broer van Selene (de maan) en Eos (de dageraad).

Herakliden

In de Griekse mythologie is dit de gangbare verzamelnaam voor de nakomelingen van Herakles.

Hermes

Griekse god van handel, rijkdom en voorspoed, tevens de boodschapper of heraut van de goden en begeleider van de schimmen naar de Onderwereld. Tenslotte ook de god van bedriegers en dieven. Hij wordt voorgesteld met een breedgerande reizigershoed (petasos) en met gevleugelde sandalen. Meestal houdt hij de herautstaf (caduceus), omwonden met linten of slangen, in de hand. Zijn Latijnse naam is Mercurius.

Hermione

Zij wordt ook Harmonia genoemd. Zij is de dochter van Aphrodite en Ares en werd door Zeus als beloning aan Cadmus geschonken, nadat deze de oppergod had bevrijd uit de grot van Typhon. Deze god met de honderd drakenkoppen, een schepsel van Gaia, had  op een onbewaakt moment de bliksem van Zeus gestolen, hem ontvoerd en hem de pezen van armen en benen doorgesneden.

Het huwelijk van Cadmus met Hermione verliep voorspoedig, tot Cadmus op late leeftijd door zijn kleinzoon van de troon werd gestoten. Daarop vluchtte het koppel naar Illyrië, waar ze de goden vroegen hen in een slang te veranderen, omdat ‘een slang de goden dierbaarder is dan de mens’. En zo gebeurde.

Hermione is ook de naam van de dochter van Menelaüs en Helena. Zij huwde Orestes, zoon van Agamemnon en Klytaimnestra.

Hoquetus

Letterlijk ‘hik’. In de middeleeuwse muziekpraktijk is de hoquetus een compositiewijze waarbij twee stemmen afwisselend een toon uitvoeren, onderbroken door een pauze, waardoor het verloop van de melodie een hikpatroon vertoont. De techniek kwam vooral voor in de Franse motetten van de Ars Antiqua en de Ars Nova en was een manier om de onafhankelijkheid die er tussen de verschillende stemmen van een polyfoon muziekstuk bestond te doorbreken en een -zij het artificiële- vorm van eenheid te creëren. Wellicht het bekendste voorbeeld is de Hoquetus David, de enige compositie van Guillaume de Machault, bedoeld om instrumentaal te worden uitgevoerd.

Hybla

Hybla Maior, een Siciliaanse stad die gesticht werd door de Siculi maar door hen verlaten werd ten voordele van kolonisten uit Megara. Zij herdoopten de stad als Megara Hyblaia. De stad was beroemd om zijn honing.

Hymen

Griekse god van de verloving en het huwelijk, die in het bruiloftslied of de Hymenaeus aangeroepen werd. Volgens één van de overleveringen is Hymen een broer van Orpheus. In de kunst werd Hymen voorgesteld als een adolescent met ernstiger gelaatstrekken dan Amor (Eros), gevleugeld met de bruidsfakkel en de huwelijkssluier in de rechterhand.

< I >

Icarus

Zoon van Daedalus. Met de door zijn vader gemaakte vleugels van veren en was vloog hij samen met Daedalus over de Egeïsche Zee om uit Kreta te ontsnappen. In zijn overmoed vloog Icarus te dicht bij zon ; de was van zijn vleugels smolt en hij stortte in zee.

Iris

Een Griekse godin, de verpersoonlijking van de regenboog. Net als Hermes is zij een boodschapster van de goden aan de mensen.

Isoritmie/Isoritmisch

Isoritmie is een techniek die werd toegepast in veel motetten van de 14de en het begin van de 15de eeuw. Een isoritmisch motet wordt gekenmerkt door een ritmische formule of periode, talea, die meerdere malen ongewijzigd wordt hernomen, terwijl het melodisch verloop, color, wel verandert. De ritmische periode kan twee tot zelfs acht keer ongewijzigd herhaald worden, afhankelijk van de lengte van de talea.

De isoritmie komt voor in de tenor, maar ook andere partijen (bvb. de contratenor) kunnen onderworpen worden aan isoritmische behandeling. Uiteraard varieert de ritmische formule van partij tot partij. Dit heeft voor gevolg dat de taleae, in die partijen waar de isoritmie wordt op toegepast, niet altijd in lengte met mekaar overeenkomen en de colores dus ook niet gelijktijdig zullen eindigen. Om dit toch te laten gebeuren, wordt binnen elk segment de ritmische complexiteit naar het einde toeopgedreven door gebruik van syncopen en zeer korte notenwaarden. Het einde van elke color/talea passage zorgt daardoor voor een nerveuze versnelling, waarna de rust terugkeert bij het begin van het volgende segment.

Ilium

Andere naam voor Troje.

Isis

Een van de belangrijkste godinnen uit de Egyptische mythologie. Zij was de moeder- en vruchtbaarheidsgodin en werd ook geassocieerd met magie, mysterie en liefde. Na de verovering van Egypte door Alexander de Grote in 332 v.C. werd de Isiscultus naar de Hellenistische wereld overgebracht. Vanaf de 2e eeuw v.C. begon haar cultus zich door toedoen van handelaren en zeelieden over het hele Middellandse Zeegebied te verspreiden, maar ook tot in Pannonië, in Gallië en in Groot-Brittannië.

Ixion

Koning van de Lapithen, die dacht dat Hera, de echtgenote van de oppergod Zeus, op hem verliefd was. Toen hij zich aan haar wilde vergrijpen werd hij in de Tartaros, de peilloze diepte onder de Onderwereld, geworpen en daar vastgebonden op een vurig rad, waarop hij eeuwig moest ronddraaien.

< J >

Janus

Romeinse god van poorten en deuren en daarom voorgesteld met twee gezichten die in tegengestelde richting kijken. De maand januari was aan hem gewijd. Zijn tempel te Rome stond open ten tijde van oorlog en werd gesloten tijdens perioden van vrede.

Juppiter

Oppergod van de Romeinen en gelijkgesteld aan de Griekse Zeus.

Juno

De Romeinse koningin van de goden, gelijkgesteld aan de Griekse Hera. Zij is de beschermgodin van de vrouw, van het huwelijk en van het gezinsleven en zij is het symbool van de seksuele vermogens en activiteiten van de vrouw. Als vruchtbaarheidsgodin begeleidt zij de geboorte van een kind. Zij is de levensgezellin van de oppergod, Juppiter (de Griekse Zeus) die haar zeer geregeld ontrouw is.

< K >

Kalenda

kalendae (lat.) is de naam voor de eerste dag van de maand in de Romeinse kalender. Letterlijk betekent het woord “dag van de afrekening”, want tijdens de kalenden weren de data van andere belangrijke dagen van de maand berekend en bekendgemaakt.

Kedar

Een van de zonen van Ismaël en ook de naam van zijn stam en nakomelingen. Hij was de achterkleinzoon van Abraham via zijn zoon Ismaël. De Kedarieten waren een nomadische stam die leefde in de noordwestelijke Arabische woestijn. In het boek Jesaja worden ze beschreven als een oorlogszuchtig volk dat in tenten woonde en bedreven was in boogschieten.

Kimmerische woestijn

Volgens Homeros leefden de Kimmeriërs voorbij de Oceanus in een land van mist en duisternis aan het eind van de wereld bij de ingang van de Onderwereld. De historische Kimmeriërs waren een ruitervolk uit Zuid-Rusland en de Oekraïne die onder andere in Assyrische annalen en in de Historieën van Herodotos vermeld worden.

Kyros

Kyros II de Grote, stichter van het Perzische rijk. Hij volgde in 559 v.C. zijn grootvader Astyages op en regeerde tot aan zijn dood in 530 v.C. In het œuvre van Herodotos kreeg Kyros reeds een legendarische persoonlijkheid aangemeten, maar ook in de Kyropaedia van Xenophon, wordt Kyros geschetst als dé verpersoonlijking van de deugdzame, wijze vorst. 

Kastalinnen

In de Griekse mythologie is Kastalia een nimf die door Apollo in een bron werd veranderd te Delphi, aan de voet van de Parnassus, de berg waar de muzen woonden. Kastalia vormde de inspiratie tot het genie van de dichtkunst bij diegenen die van haar water dronken, of luisterden naar haar zachte geluid.

Bij uitbreiding worden de muzen ook soms Kastalinnen genoemd.

Keltiberiërs

De verzamelnaam van alle Keltische stammen die zich op het Iberisch schiereiland hadden gevestigd.

Kybele

De grote vruchtbaarheidsgodin van Klein-Azië, overgenomen door Grieken en Romeinen, die haar respectievelijk Rhea en Magna Mater noemden. Zij beminde haar zoon Attis, maar toen die verliefd werd op een sterfelijke prinses, maakte zij hem waanzinnig. Attis castreerde zichzelf in zijn waanzin en stierf. In de vruchtbaarheidscultus van Kybele werd dit feit herdacht doordat ingewijde priesters zichzelf ontmanden. Na drie dagen volgde een wild vreugdfeest.

< L >

Lethe

Rivier in de Onderwereld, waaruit de doden drinken om hun aardse leven te vergeten. De Lethe stroomde rond de grot van Somnus en kronkelde verder door de Onderwereld.

Lucretia

Lucretia pleegde zelfmoord nadat ze verkracht werd door Sextus, een zoon van de laatste Etruskische koning van Rome, Lucius Tarquinius Superbus. Dit gebeuren zou aanleiding zijn geweest voor het verdrijven van het geslacht der Tarquinii uit Rome, waarna het koningschap werd afgeschaft ten gunste van de Republiek.

Lictor

Een dienaar die de hoogste Romeinse ambtenaren vergezelde. Zij vormden een erewacht voor aanzienlijke personen met een officiële functie in de Romeinse maatschappij, zorgden voor een vrije doorgang door de stad en konden magistraten cum imperio (met een imperium) hun coercitio (het recht een burger te straffen) laten uitvoeren. Zij droegen, als teken van hun waardigheid, een bijl die in een takkenbos (de fasces) was gestoken. Droegen zij de bijl omhoog, was dit een teken van goedgezindheid, droegen zij de bijl met het blad naar beneden, was het een slecht teken.

Lykomedes

Koning van Skyros. Zijn dochter, Deidamia, werd verliefd op Achilles, die door zijn vader, Peleus, onder de hoede van Lykomedes was geplaatst, in een poging Achilles buiten de Trojaanse oorlog te houden.

< M >

Maenaden / Menaden

Maenaden behoren tot de groep der Nimfen. De Maenaden staan bekend als bezeten vrouwen die wilde dansen uitvoeren en toegeven aan grof geweld, seks, drank en verminking. Hun voedsel bestaat uit rauw vlees, dat zij met blote handen van hun slachtoffer afscheuren. In veel verhalen wordt hun gedrag als voorbeeld gesteld voor de effecten van te veel alcohol. In Bakchai, een tragedie van Euripides, vermoorden Maenaden koning Pentheus op gruwelijke wijze. Ook Orpheus zou door deze Maenaden zijn vermoord en verscheurd.

Mahanayim

De plaats waar, volgens het boek Genesis, Jakob de engelen van God ontmoette.

Mahanayim is een Hebreeuwse meervoudsvorm en betekent twee heerscharen, twee kampen, legers of dubbel leger. Twee legers engelen om Jakob tussen beide te laten passeren, of omdat er een leger was, bestaande uit engelen, en een ander, bestaande uit Jakobs huisgezin. 

Medea

Dochter van Ӕëtes, koning van Kolchis. Zij was de grootste tovenares uit de Griekse mythenwereld. Zo hielp ze Jason het Gulden Vlies te bemachtigen. Ze vluchtte met hem naar Thessalië, maar toen Jason een andere vrouw boven haar verkoos, doodde ze hun kinderen.

Melissa

Een nimf die het gebruik van honing ontdekte en onderwees en van wie de bijen hun naam, melissai  zouden hebben gekregen. Bijen schijnen het symbool van nimfen te zijn geweest en waarvan soms wordt gezegd dat zij in bijen zijn gemetamorfoseerd. Vandaar ook dat nimfen in de gedaante van bijen de kolonisten zouden hebben geleid die naar Ephese trokken. De nimfen die de zuigeling Zeus verzorgden worden ook melissae of meliae genoemd.

Menaden

Nimfen die bekend staan als bezeten vrouwen en wilde dansen uitvoeren. Ze geven zich over aan grof geweld, seks, drank en verminking. Hun voedsel bestaat uit rauw vlees, dat zij met blote handen van hun slachtoffer afscheuren.

Minerva

Romeinse godin, overeenkomend met de Griekse Athena, vooral bekend als de godin van wijsheid en kunst ; daarnaast wordt ze vaak genoemd als godin van de krijgskunst en vrede.

Momus

Griekse god van de spotternij en de bijtende kritiek.

Musaios

Een personage van onzekere oorsprong: ofwel behoort hij tot de mythologie en in dat geval zijn meerdere koppels zijn kandidaat-ouders. Hij zou ook een semi-mythologische priester kunnen zijn, zoon van of leerling van de zoon van Orpheus van wie wordt gezegd dat hij de grondlegger is van de priesterlijke dichtkunst in Attica. 

Maeotische meer

Het Maeotische meer is de oude naam voor de Zee van Azov.

Mars

Romeinse god van de oorlog, overeenkomend met de Griekse Ares.

Megaera

Een van de Furiën. (Zie ook Furiën)

Mercurius

Zie Hermes.

Midian

Een landstreek gelegen op het Arabische schiereiland ten oosten van de Golf van Akaba aan de Rode Zee. De bewoners, Midianieten, stamden af van Midian, een zoon van Abraham. Ze werden uitgeroeid door de Israëlieten onder leiding van Gideon.

Mithras

Mitra was een onbelangrijke godheid in de Hindoe-mythologie en werd als Mithras overgenomen in het Perzische Zoroastrisme. De cultus van Mithras zou in het Romeinse Rijk vanaf de 1ste eeuw n.C. zeer populair worden onder Romeinse soldaten.

Morpheus

(vert. de vormgevende) Eén van de Griekse droomdemonen en een van de duizend zonen van Somnus. Ovidius noemt twee van zijn broers: Phobetor en Phantasos. Morpheus kon de vorm aannemen van elk mens en verscheen in iemands dromen als de geliefde van die persoon. Waar zijn broers respectievelijk realistische, angstige en fantastische dromen gaven, zorgde Morpheus speciaal voor de dromen van helden en koningen. Hij wordt afgebeeld als een grijsaard met vleugels, soms met een krans van papavers.

Muzen

De beschermsters van diverse soorten poëzie, dans en muziek. Zij zetten de hun toegewijden aan tot creativiteit. Het zijn: Calliope (epische poëzie), Clio (geschiedenis), Euterpe (fluitspel), Terpsichore (reidans en koorzang), Erato (dans en minnedicht), Melpomene (tragedie), Thalia (komedie), Polyhymnia (hymnenpoëzie) en Urania (sterrenkunde).

< N >

Najaden

Griekse nimfen die in zoet water leven, zoals rivieren, beken en bronnen.

Neptunus

Romeinse god van de zee, gelijkgesteld met de Griekse Poseidon.

Narcissus en Echo

De nimf Echo had de gewoonte om onophoudelijk te praten. Zij leidde daarbij de godin Hera zodanig af, dat Hera’s echtgenoot, Zeus, niet meer betrapt kon worden bij zijn talloze affaires met andere godinnen of stervelingen. Hera vervloekte Echo en veroordeelde haar enkel nog in staat te zijn om anderen na te zeggen. Toen Echo verliefd werd op de mooie Narcissus en hij haar afwees, trok zij zich treurend in een grot terug. Haar lichaam kwijnde weg en enkel haar stem bleef over, waarmee ze steeds klaar bleef om na te zeggen.

Nereus

Zoon van Oceanus en Gaia. Hij bezat de gave der voorspelling en kon zich in allerlei gedaanten veranderen.

Nestor

Koning van Pylos. Hij nam als oudste legeraanvoerder van de Grieken deel aan de Trojaanse Oorlog, waarin hij uitblonk als bezadigd en welsprekend raadgever.

Nimfen

Griekse natuurgodheden van lagere rang, die leven op de bergen, in grotten, wouden, rivieren, bij bronnen, in zeeën en oceanen. Ze worden voorgesteld als mooie, jonge meisjes die pret maken met volgelingen van Dionysos en zich meestal welwillend opstellen jegens de mensen. Nimfen van het woud heten Dryaden en Hamadryaden, nimfen van bergen en grotten Oreaden, nimfen van bronnen en rivieren Najaden, zeenimfen zijn Nereïden en nimfen van de oceaan heten Oceaniden

Napeeën

Figuren uit de Griekse mythologie. Het zijn Nimfen die weilanden en tuinen bewonen.

Naboe

(of Nebo) Soemerisch-Babylonische god van het schrift en de kennis. In de godenvergadering vervulde hij de rol van schrijver, die de beschikkingen van het lot moest noteren.

Nemesis

Een figuur uit de Griekse mythologie. Zij is de meedogenloze godin van de gerechtigde wraak. Hybris (Ὑβρις, overmoed) wordt door haar bestraft.

Nemesis is ook overgenomen door de Romeinen en behield haar oude naam. Triomferende generaals brachten offers aan haar, en tijdens het keizerrijk was ze de beschermvrouwe van de gladiatoren. Op afbeeldingen draagt Nemesis, net als Iustitia, een zwaard en een weegschaal. Haar rijtuig wordt getrokken door griffioenen.

Nessus

Toen Herakles en Deianira de rivier de Evenus wilden oversteken, stelde de centaur Nessus (een wezen half mens, half paard) voor om Deianira op zijn rug naar de overkant te brengen. Nessus probeerde Deianira te misbruiken, maar Herakles trof hem dodelijk met een van zijn giftige pijlen. De stervende Nessus vroeg Deianira zijn bloed op te vangen en het te gebruiken om de liefde van haar echtgenoot te bestendigen. Later bestreek Deianira een kleed met het giftige bloed. Wat Deianira niet wist was, dat het bloed de dood zou veroorzaken in plaats van de liefde aan te wakkeren. Toen Deianira het kleed aan Herakles schonk, betekende dit zijn dood.

Nikè

Griekse godin, de verpersoonlijking van de overwinning, daarnaast ook van elke in een wedstrijd behaalde zege, alsook van het welslagen van een onderneming die met moeite en inspanning wordt volbracht. Vandaar dat zij bij verschillende gelegenheden werd aangeroepen en haar dikwijls dankoffers werden gebracht. Afzonderlijke tempels en feesten had zij daarentegen niet veel, daar zij gewoonlijk alleen voorkwam in het gevolg van andere goden. Nikè was in de ogen van de Grieken niet zelf verantwoordelijk voor de zege, die eer kwam de goden toe, men zag haar vooral als de boodschapper. Gewoonlijk werd Nikè afgebeeld als een jonge, schone vrouw met een palmtak in de handen en een lauwerkrans op het hoofd, terwijl wapenen en zegetekenen haar omringen. Meestal is zij gevleugeld, doch op de Akropolis te Athene stond een kleine Tempel van Nikè Apteros, d. i. de ongevleugelde Nikè. Zij had daar, zo zei men, haar vleugels afgelegd, omdat zij nooit meer uit Athene wilde wijken. 

< O >

Oceanos

Griekse god van de grote wereldzee die de aarde omspoelt. Hij is een van de Titanen, zoon van Ouranos (Hemel) en Gaia (Aarde).

Olympus

De bergketen tussen Macedonië en Thessalië, waar Zeus en de goden van zijn generatie hun paleizen hadden.

Ophir

Legendarische haven of streek die vermeld wordt in de Bijbel en bekend was om zijn rijkdom.

Orpheus

Zoon van de Thracische koning Oeagros of van Apollo en de muze Calliope. Hij is vooral bekend omdat hij bereid was in de Onderwereld af te dalen, waar hij met zijn gezang de veerman Charon kon laten inslapen en zo de andere oever kon bereiken; daar smeekte hij de god van de Onderwereld, Pluto en zijn vrouw Proserpina hem zijn overleden bruid Eurydice terug te geven. Vertederd door de smeekbede van Orpheus stemden de goden toe onder de voorwaarde dat Orpheus op de terugweg niet zou omkijken naar zijn geliefde, iets wat Orpheus echter niet kon volhouden.

Oeta

Berg van het Pindusgebergte in Centraal-Griekenland.

Omphale

Omphale was een koningin van Lydië aan wie Herakles (Hercules) als slaaf werd verkocht. Dat was de straf van Zeus (Juppiter) voor een door de heros onrechtmatig gepleegde doodslag. Omphale zorgde ervoor dat Herakles zo verwekelijkte, dat hij ten slotte in vrouwenkleren rondliep en het spinnewiel hanteerde, terwijl de koningin zijn leeuwenhuid en knots droeg.

Oratoriumpassie

Een oratoriumpassie is een compositie op basis van het passieverhaal van Christus zoals het voorkomt in de Evangeliën, met toegevoegde bespiegelende of moraliserende fragmenten op niet evangelische teksten. De passies van Bach zijn hier een voorbeeld van.

< P >

Palaemon

Een zeegod, door de Romeinen gelijkgesteld met Portunus, god van de havens. Aanvankelijk heette hij Melicertes, zoon van Ino. Hij veranderde in een zeegod, toen zijn moeder zich met hem in zee stortte.

Pallas

Er zijn meerdere personages die in aanmerking komen: Pallas was de zoon van de Titaan Crius en Eurybia. Hij werd voorgesteld als een geit of als een mens met de trekken van een geit. Athena doodde hem in de Titanenstrijd en als blijk van haar overwinning, verwerkte ze zijn geitenhuid in haar schild en kreeg de godin de erenaam Pallas Athena.

Pallas kan ook een epitheton zijn bij Athena, afgeleid van het Griekse “pallein” (παλλειν) betekent de lans zwaaien ; Pallas Athena betekent dan de lanszwaaiende Athena.

Nog een andere verklaring gaat ervan uit dat Pallas de zoon is van Euander (Grieks: Εὔανδρος, d.i. goede man) of Evander, een legendarische vorst afkomstig uit de Griekse landstreek Arcadia, die zich later in Latium zou vestigen op de linkeroever van de Tiber. Daar zou hij een dorp hebben gesticht aan de voet van een heuvel, precies op de plek waar in latere eeuwen Rome zou verrijzen. Hij gaf deze nederzetting de naam Pallanteum of Pallantium (de Palatijn), volgens Vergilius (Aeneis VIII) naar zijn zoon Pallas, wat door andere auteurs echter wordt tegengesproken.

Parcae

Romeinse benaming voor de Griekse Schikgodinnen, die het menselijk lot bestieren: Clotho, de Spinster van de levensdraad, Lachesis, de Toedeelster, die de lengte en het verloop ervan bepaalt en Atropos, de Onafwendbare, die de draad doorknipt.

Pasithea

Een van de Charites. Pasithea geldt als de personificatie van de meditatie. Zij werd ten huwelijk gegeven aan de god van de slaap, Hypnos (Latijn, Somnus).

Pelide

Epitheton bij Achilles als zoon van Peleus en Thetis.

Phantasos

(van het Gr. werkwoord dat verschijnen, zich vertonen, lijken op betekent) Een van de Griekse droomdemonen. Dit was hij samen met zijn broers Morpheus en Phobetor. Van de drie verscheen Phantasos in dromen in de gedaante van levenloze zaken, zoals water of hout (Zie ook Morpheus).

Phlegethon

Een vuurstroom, een van de rivieren in het rijk van Hades.

Phoebus

Letterlijk ‘de stralende’, een epitheton bij Apollo, wegens zijn verband met de zon. Ofwel verwijst het naar zijn afkomst: Apollo werd verwekt door Zeus/Juppiter bij Leto, de dochter van Phoebe.

Pluto

Gelijkgesteld met de Griekse Hades, zoon van Kronos en broer van Zeus en Poseidon. Hem viel de heerschappij toe over de Onderwereld. Dit had niet enkel te maken met de heerschappij over de schimmen der doden, maar ook over alles wat zich in de aarde bevindt, met name edelstenen en metalen. Vandaar dat zijn Romeinse naam verwijst naar wat in het Grieks rijkdom, ploutos, betekent.

Pomona

Oudlatijnse godin van de vruchtenoogst, bemind door de antieke agrarische goden zoals Silvanus, Picus en Vertumnus.

Proconsul

Wie ooit de functie van consul (het hoogste Romeinse ambt)  had bekleed kreeg na het neerleggen van zijn functie een gebied toegekend, waarover hij met consulaire macht het gezag uitoefende. Zo een ex-consul werd proconsul genoemd.

Proserpina

Romeinse naam van de Griekse Persephone. Persephone was de dochter van Zeus en Demeter, de aardgodin en werd vaak Korè (het meisje) genoemd. Hades werd verliefd op haar en ontvoerde haar om zijn gemalin in de Onderwereld te worden. Ontroostbaar zocht haar moeder Demeter haar en liet de aarde braak liggen. Ten slotte werd verordend dat Persephone een deel van het jaar bij haar moeder mocht doorbrengen (de vruchtbare periode van het jaar).

Psyche

Een koningsdochter die zo mooi was dat ze de afgunst van Aphrodite opwekte. Ze stuurde haar zoon Amor erop uit om ervoor te zorgen dat Psyche verliefd zou worden op een lelijke man, maar Amor werd zelf verliefd op haar. Hij nam Psyche mee naar zijn paleis, maar bezocht haar enkel ’s nachts en waarschuwde haar geen pogingen te ondernemen om zijn ware uiterlijk te zien. Door toedoen van haar jaloerse zussen werd Psyche zo nieuwsgierig dat ze een lamp ontstak om zijn uiterlijk te zien. Amor verweet haar hiervoor en vertrok. Psyche zocht hem overal tot ze op aanraden van de aardgodin Demeter belandde in de tempel van Aphrodite, die haar onvriendelijk ontving en haar allerhande moeilijke taken oplegde. Amor hielp haar stiekem al de opdrachten te vervullen en sprak met de oppergod Zeus om de zaak in het reine te brengen. Zeus kon zijn dochter overtuigen haar haat los te laten. Psyche werd onsterfelijk gemaakt, ze huwde met Amor, die haar een dochter, Voluptas (Wellust) schonk.

Python

Een monsterlijke slang, die na de Zondvloed gesproten was uit de aarde, verpersoonlijkt door Gaia. Het achtergelaten slijk van het zich terugtrekkende water en de hitte, verspreid door Helios, de zonnegod, zorgden ervoor dat allerlei dieren ontstonden, waaronder de slang Python. Het monster teisterde de streek rond Delphi en werd gedood door de pijlen van Apollo, die ter herinnering aan zijn overwinning de Pythische Spelen stichtte. Het oude orakel van Gaia in Delphi werd vervangen door dat van Apollo, die sprak door de mond van zijn priesteres, de Pythia.

Pales

Romeinse godheid, afwisselend als mannelijk of als vrouwelijk voorgesteld. Hij/zij is de schutsgod van de herders en bestiert de vruchtbaarheid van gedomesticeerde dieren. De naam is misschien verwant met het Griekse en Latijnse woord phallus.

Pan

Griekse natuur- en vruchtbaarheidsgod, oorspronkelijk uit Arcadia. Hij is de god van de geitenhoeders en wordt meestal voorgesteld als een bijzonder sensueel wezen. Het is een ruigbehaarde man met puntige oren, bokkenpoten en hoorns. Hij dwaalt rond in de bergen en de valleien, zit de nimfen achterna of leidt ze ten dans. Hij is muzikaal en uitvinder van de pansfluit. Hij wordt beschouwt als een zoon van Hermes.

Parnassus

Berg in Griekenland, gewijd aan Apollo en de Muzen.

Passieoratorium

Een passieoratorium is een compositie op basis van het lijdensverhaal van Christus, maar op een volledig nieuw geschreven tekst, zoals het libretto van een opera. De Brockes-Passion van Haendel is hiervan een voorbeeld.

Pelops

Mythische koning van Elis en stamvader van het geslacht der Artiden, van wie de bekendste, Agamemnon, koning van Mykene was en leider van het Griekse leger in de Trojaanse oorlog.

Philomela

Omdat Tereus, Thracische zoon van Ares, hem in de oorlog geholpen had, schonk de Atheeense koning Pandion hem zijn dochter Procne als vrouw. Toen haar zus, Philomela, na een aantal jaren naar het afgelegen Thracië was gekomen om haar zuster gezelschap te houden, verkrachtte Tereus haar nog voordat zij haar zus kon ontmoeten. Om te zorgen dat zij niets over de verkrachting kon zeggen, sneed hij haar tong af en sloot haar op. Maar door op een weefgetouw een voorstelling te weven van wat haar was overkomen en dat bij Procne te laten bezorgen, wist Philomela haar zus toch op de hoogte te stellen. De zusters namen wraak. Procne doodde het zoontje van Tereus, kookte hem en zette hem als maaltijd aan de nietsvermoedende Tereus voor. Toen Tereus achteraf vernam wat hij had gegeten, werd hij razend en wilde de twee zussen vermoorden. Maar dankzij de hulp van de goden veranderden zij in twee vogels: Procne werd een zwaluw, Philomela een nachtegaal.

Phobetor

(vert. de angstaanjager) is een van de  droomdemonen ; hij verscheen aan de mensen in hun slaap in dierengestalte (zie ook Morpheus).

Pietas

Het Italiaanse pietà (of pietade) houdt een verwijzing in naar een Romeinse begrip, namelijk pietas, dat een reeks van betekenissen omvatte: vroomheid ten aanzien van de goden, ouderliefde en eerbied voor familie en vrienden, vaderlandsliefde, rechtvaardigheid, zachtmoedigheid. Aeneas werd door Vergilius in zijn Aeneis met het epitheton pius omschreven en werd aldus de verpersoonlijking van wat de Romeinen als pietas ervaarden.

Polyphemus

In de Grieks-Romeinse mythologie is hij een van Cyclopen, zoon van zeegod Poseidon en de zeenimf Thoosa. Hij verbleef op Sicilië in de buurt van de Etna. Homeros vertelt dat Odysseus samen met zijn bemanning in handen viel van Polyphemus. Hij sloot hen op in zijn grot en verslond meerdere van Odysseus’ gezellen. Uiteindelijk werd hij door Odysseus dronken gevoerd en tijdens zijn roes blind gemaakt. Toen de blinde Cycloop zijn schapen uit de grot leidde, ontsnapten Odysseus en zijn mannen door zich aan de buik van de dieren vast te klemmen.

Prima prattica

Een term waarmee Claudio Monteverdi (1567-1643) het aan strenge regels gebonden contrapunt uit de 16de eeuw benoemt (de Franco-Vlaamse school en Palestrina), in tegenstelling met de door hem ingevoerde Seconda prattica (zie aldaar).

Prometheus

Zoon van de Titaan Japetus en de Oceanide Klymene. Hij leerde de mensen allerlei kunsten en ambachten en slaagde er in het vuur, angstvallig bewaakt door Zeus, tot bij de mensen te brengen. Hierop liet Zeus hem vastklinken aan een berg in de Kaukasus. Een adelaar vrat elke dag zijn lever weg, die dan ’s nachts weer aangroeide. Eeuwen later doodde Herakles de arend en bevrijdde Prometheus.

Proteus

Een zeegod, zoon van Poseidon of Oceanos. Proteus kon de toekomst voorspellen aan diegene die hem te pakken kon krijgen. Wanneer hij te pakken werd genomen, nam hij allerlei verschillende gedaanten aan om zo het profeteren uit de weg te gaan. Als hij niettemin stevig werd vastgehouden, nam hij zijn gewone gedaante van een oude man aan en vertelde hij de waarheid.

Pythia

Bijzondere tempelpriesteres in de Apollotempel van Delphi. Gezeten op een driepoot, raakte zij in trance onder invloed van hallucilogene dampen en stootte onverstaanbare klanken uit, die door de priesters omgezet werden in een orakel.

< Q >

< R >

Radamanthys

De zoon van Zeus en de geschaakte prinses Europa. Hij was eerst een rechtvaardig heerser over Kreta, maar moest toen naar Boeotië vluchten voor zijn broer Minos. Hij trouwde daar met Alcmene, de vroegere echtgenote van Amphitryon en de moeder van Herakles. Omdat hij een eerlijk man was, werd hij door zijn vader Zeus aangewezen als rechter in de onderwereld. De andere twee rechters waren zijn broer Minos en Aiacos, vader van Peleus en grootvader van Achilles.

Recitatief

Sedert het einde van de 16de eeuw een gebruik in vocale muziek (opera, oratorium, cantate) waarbij de zanger een dialoog of een deel van het verhaal op een quasi spreektoon zingt zonder tekstherhalingen. Als het reciteren enkel wordt ondersteund door basso continuo (zie aldaar) spreekt men van een Recitativo secco. In geval het reciteren gepaard gaat met ondersteunende melodieën door instrumenten, gaat het om een Recitativo accompagnato.

< S >

Sabbat-reis afstand

De afstand die mocht afgelegd worden tijdens de Sabbat, ongeveer tweeduizend ellen, wat met ca. één kilometer overeenkomt. Zie Jozua 3, 4: Zodra gij de Ark des Verbonds van de Heer, uw God, ziet en de levitische priesters, die haar dragen, dan zult gij ook van uw plaats opbreken en achter haar aan trekken. Er zij echter tussen u en haar een afstand van ongeveer tweeduizend ellen lengte.

Salii

Het Collegium Salii was een zeer oud priestercollege van tweemaal twaalf priesters (Salii Palatini en Quirinali) uit het antieke Rome, die krijgsdansen uitvoerden, oorspronkelijk ter ere van de oorlogsgod Mars en later ook ter ere van Quirinus. een oude vruchtbaarheidsgod aan wie ook oorlogsfuncties werden toegeschreven. Ze werden geleid door de Praesul.

Saters

Saters zijn Griekse bosgoden, verpersoonlijkingen van de weelderige, vitale krachten der vruchtbaarheid en van de natuur. Ze worden gewoonlijk afgebeeld met puntige oren, bokkenpoten, horens en een opgerichte fallus. Ze zin dol op wijn en seks en zijn de mannelijke tegenhangers van de Nimfen.

Saturnia

Een dochter van Saturnus, vandaar gebruikt als bijnaam voor Juno en Vesta.

Schikgodinnen

De drie Griekse godinnen die het menselijk lot bestieren: Clotho, de spinster van de levensdraad, Lachesis, de toedeelster, die de lengte en het verloop van het leven bepaalt en Atropos, de onafwendbare, die de draad doorknipt.

Scythen

De Scythen waren een conglomeraat van ruitervolkeren die grosso modo leefden ten noorden van de Zwarte en de Kaspische Zee in de Euraziatische steppe. zie ook verder bij Skythen/Skythië.

Sesach

Een Hebreeuwse scheldnaam en/of geheimwoord voor Babel/Babylon, de hoofdstad van het Babylonische rijk, dat Juda inlijfde. De naam luidt in het Hebreeuws Sjesjak en betekent geheel vernederd, geheel gezonken.

Silvanen

Volgelingen van Silvanus (zie aldaar).

Sinear

(Hebr. Shinar, Eng. Shinar). De naam van het gebied aan de benedenloop van de rivieren Eufraat en Tigris. Het land ligt ten zuiden van het eigenlijke Tweestromenland en komt overeen met Chaldea of Babylonië.

Sisyphus

Als koning en stichter van de stad Korinthe werden hem allerlei misdaden toegedicht: struikroverij, verraad en moord en ook het uitdagen van de goden, tot hij zelfs Thanatos (de personificatie van de dood) wist te vangen, zodat niemand nog kon sterven. Ten slotte greep de oorlogsgod Ares in, want ook zijn tegenstanders stierven niet langer meer en bevrijdde hij Thanatos. Voor zijn hoogmoed werd Sisyphus in de Onderwereld veroordeeld een zwaar rotsblok tegen een berg op te wentelen dat, eenmaal boven, telkens weer naar beneden rolde, zodat hij eeuwig gedwongen werd opnieuw te beginnen, een Sisyphus-arbeid.

Solyma

Solyma, Hierosolyma, Salem zijn varianten op Jeruzalem.

Somnus

Verpersoonlijkte Romeinse god van de slaap, een vertaling van het Griekse Hypnos.

Syrinx

Een riviernimf. Nagezeten door Pan wierp ze zich in het water van haar rivier, waar ze in een rietstengel werd veranderd. Met het riet maakte Pan een herdersfluit, de panfluit.

Salem

Oude naam voor Jeruzalem.

Sardes

Sardes was de hoofdstad van het oude koninkrijk Lydië, bekend van zijn koning Kroesos waarover Herodotos al schreef, en was gelegen op enkele tientallen kilometer van de Middellandse Zee in wat nu West-Turkije is. Het lag aan de voet van de berg Tmolos in de vruchtbare vlakte van de Hermosrivier. De Hermosvlakte was een natuurlijke corridor tussen de Ionische steden op de kust van Klein-Azië en Anatolië. In het Perzische rijk werd het de hoofdstad van de satrapie Lydië. Sardes was via de Perzische koningsweg verbonden met onder andere Susa en Persepolis in Iran.

Satraap

Een satraap was een bestuurder van een Perzische provincie of satrapie. Volgens Herodotos was het koning Dareios I die zijn rijk indeelde in 22 provincies, met elk een vertrouweling aan het hoofd. De satrapen moesten elk jaar tribuut betalen en eer betonen aan de Perzische koning maar voor het overige konden zij, afhankelijk van het gezag van de koning, in mindere of meerdere mate zelfstandig optreden binnen hun machtsgebied.

Saturnus

Latijnse naam voor de Griekse Chronos, de jongste der Titanen, die na de castratie van zijn vader Ouranos over het godenrijk regeerde. Omdat hij bang was door zijn kinderen uit zijn macht ontzet te worden, verslond hij hen vanaf hun geboorte. Enkel Zeus wist met hulp van zijn moeder hieraan te ontsnappen. Chronos werd onttroond en Zeus werd heerser over goden en mensen.

Scylla

Een zeemonster uit de Griekse mythologie. Scylla was ooit een knappe nimf, maar toen Glaucus haar de liefde verklaarde, veranderde Circe haar uit jaloezie in een monster met de romp en het hoofd van een vrouw, maar uit haar zij groeiden zes hondenkoppen met daarin drie rijen tanden, zij had twaalf poten en haar lichaam eindigde in een vissenstaart.

Seconda prattica

Een term voor het eerst gebruikt door Claudio Monteverdi (1567-1643) als tegenstelling tegenover de Prima prattica (zie aldaar), in de zin dat de muziek wordt bepaald door de emotionele inhoud van de tekst, zodat het toegelaten is de strenge regels van het contrapunt te negeren en verboden dissonanten te gebruiken.

Silenus

Oorspronkelijk meervoudige (Sileni) natuurgeesten zoals de saters. Later is er één Silenus, opvoeder en trouwe begeleider van Dionysus. Silenus wordt gewoonlijk afgebeeld als een dikke, goedmoedige oude man met een lange baard, die altijd dronken is. Toch is hij heel wijs en wanneer stervelingen hem te pakken krijgen, kan hij belangrijke geheimen onthullen.

Silvanus

Een bosgod uit de Romeinse mythologie, beschermer van planten, bomen en struiken. Als vruchtbaarheidsgod is hij ook de schutsheer van kudden en vee.

Sirenen

Griekse zeenimfen die met hun hemelse gezang de voorbijvarende zeelieden onweerstaanbaar naar de kust lokten om hen te doden.

Skythen/Skythië

De Skythen (of Scythen) waren Iraanse ruiterstammen die tussen de 7de eeuw v.C. en de 4de eeuw n.C. grote gebieden in de Euraziatische steppe bewoonden. In algemene zin benoemt men als ‘Skythisch’ een mozaïek aan volkeren en culturen in de steppezone, in verschillende perioden en onder verschillende namen bekend, maar met een verwante Skytho-Siberische cultuur. Onder deze Skythen in ruimere zin vallen historisch bekende volkeren als de Sarmaten, Massageten en Saken. De antieke bronnen maken echter vaak geen duidelijk onderscheid. Hun grondgebied was in de klassieke Griekse bronnen bekend als Skythië. Meer specifiek worden met Skythen bij de oude Griekse historici de ‘Koninklijke’ of ‘Pontische Skythen’ bedoeld. Deze leefden in de Pontisch-Kaspische steppe ten noorden van de Zwarte Zee en de voor-Kaukasus regio.

Solymi

Lycisch oorlogszuchtig volk dat in de omgeving van het Taurusgebergte woonde. Ze werden genoemd naar Solymos, een zoon van Ares of van Zeus.

Styx

De mythische stroom die zeven keer rond het rijk van Hades (Pluto), god van de Onderwereld, stroomt. De schimmen van de doden werden er door Charon in een boot overgevaren, waarna ze de Onderwereld betraden. Zij wordt ook gezien als de verpersoonlijkte geest van de rivier ; in die gedaante was ze de eerste om Zeus bij te staan in zijn strijd tegen de Titanen.

< T >

Tainaron

Kaap Tainaron (Latijn: Taenarum), aan de uiterste zuidpunt van de Peloponnesos (heden ten dage de Mani), was de plaats waar de Grieken een van de ingangen naar de Onderwereld situeerden. Volgens Pausanias zou Herakles daar de hellehond, Kerberos (Latijn: Cerberus), naar boven hebben gesleurd als een van de opdrachten die hij voor koning Eurystheus moest uitvoeren. 

Tarpeïsche rots

Een hoge en steile rots aan de zuidwestkant van de Capitolijnse heuvel in Rome waar ter dood veroordeelden vanaf werden gegooid. De rots was volgens een verhaal (onder andere door Livius) genoemd naar Tarpeia, die haar vaderstad had verraden door gewapende Sabijnen de burcht binnen te laten. Men kon van de Tarpeïsche rots af gegooid worden voor het afleggen van valse getuigenissen, het plegen van diefstal als niet-vrij man, verraad tegenover zijn eigen meester, overlopen naar de vijand of vluchten, landverraad en voor het plegen van incest, inzonderheid als Vestaalse maagd.

Thebe

Stad in midden-Griekenland met een rijk mythisch verleden. Thebe vormde onder andere het toneel voor het tragische verhaal van Oidipous.

Thetis

Een Nereïde, d. i. een van de vijftig dochters van Nereus. Zij werd begeerd door Zeus, maar toen hij uit een voorspelling vernam dat de zoon die uit haar geboren zou worden machtiger dan zijn vader zou zijn, huwde hij haar veiligheidshalve uit aan de sterfelijke Peleus. Bij Peleus werd zij de moeder van Achilles.

Thracië

Landstreek in het noorden van Griekenland.

Titanen

De Titanen waren een groep godheden, kinderen van de oergoden Ouranos en Gaia, zes mannelijke: Okeanos, Hyperion, Kronos, Iapetos, Koeus, Krios, en zes vrouwelijke: Tethys, Phoebe, Rhea, Themis, Mnemosyne en Theia.

De naam wordt ook gegeven aan goden en halfgoden die afstammen van Titanen, zoals Prometheus, Hekate, Latona, Pyrrha en vooral Helios en Selene, kinderen van de Titanen Hyperion en Theia.

Troje

Burcht en stad, gelegen aan de Hellespont, waar zich de legendarische Trojaanse oorlog afspeelde.

Tantalus

Zoon van Zeus en vader van Pelops en Niobe. Hij is beroemd wegens de straf die hem na zijn dood werd opgelegd. Hij werd in een poel water geplaatst en geplaagd door een vreselijke dorst, maar telkens als hij wilde drinken week het water terug. Boven zijn hoofd hing een tak met vruchten, maar wanneer hij naar de vruchten reikte boog de tak naar boven. Over de reden van die straf bestaan verschillende verhalen. Een ervan luidt dat Tantalus zijn zoon Pelops doodde en hem voorzette aan de goden ; volgens een ander verhaal werd hij zo zwaar gestraft omdat hij nectar en ambrozijn (godendrank en -spijs) van de goden had gestolen, om daarmee zichzelf en zijn vrienden de onsterfelijkheid te bezorgen.

Tartaros

Zoon van Aether en Gaia en door associatie de naam van de duistere, peilloze diepte onder het rijk van Hades, waar de opstandige Titanen en andere afschuwelijke misdadigers werden gestraft.

Theseus

Legendarische heros en koning van Athene. Hij was de zoon van Aigeus (of van Poseidon?) en Aethra. Zijn bekendste daad was het doden van de Minotauros op Kreta. Verder was hij o.a. betrokken bij de tocht der Argonauten en hielp hij Herakles bij het stelen van de gordel van de Amazonen. Ook schaakte hij, samen met zijn vriend Peirithoös, de jeugdige Helena van Sparta en nam hij deel aan de jacht op het Kaledonische zwijn.

Thetys

Een der vrouwelijke Titanen uit het tijdperk vóór de heerschappij van de Olympische goden. Ze is de godin van de zee en de ondergrondse rivieren en tevens de beschermende godin voor de zorg over kinderen. Ze wordt vaak door Eileithyia vergezeld, de godin van de bevalling. Tethys was een dochter van Ouranos en Gaia en de vrouw van haar broer Oceanus. Voordat Poseidon over de zeeën heerste, behoorde deze taak aan Tethys en Oceanus toe. Samen kregen ze duizenden kinderen: de Potamiden (riviergoden) en de Oceaniden (zeegoden).

Tisifone

De bloedwreekster, één van de drie Furiën. (Zie ook Furiën)

Triton

Zoon van Poseidon en Amphitrite. Hij wordt afgebeeld als een man met de staart van een vis, soms met de voorpoten van een paard. Hij blaast hard of zacht op de kinkhoorn om de golven op te zwepen of te bedaren. Later schiep de dichterlijke fantasie vele Tritonen die samen met de Nereïden de zee bevolken.

Tyrus

Havenstad in het huidige Libanon. Volgens Herodotos zou Tyrus ca. 2700 v. Chr. gesticht zijn. Tyrus was naast Sidon en Byblos een van de belangrijke Fenisische havensteden, bekend om de productie van Tyrisch purper, dat gewonnen werd uit de purperslak. Dit dure product was voorbehouden voor koningen en keizers.

< U >

Urania

Een van de negen muzen. Volgens sommige bronnen was Hymen de zoon van Apollo en Urania. (Zie ook Muzen)

< V >

Venus

Romeinse godin, overeenkomend met de Griekse Aphrodite, godin van de liefde, schoonheid en seksuele vervoering.

Vesta

De Romeinse Vesta wordt gelijkgesteld aan de Griekse Hestia. Vesta is de dochter van Saturnus (de Griekse Kronos). Zij is de godin van het haardvuur en heerseres over het huiselijke leven. De Romeinen vereenzelvigden haar met het eeuwige vuur dat altijd op haar altaar moest blijven branden.

Vulcanus

Romeinse god van het vuur en het ambacht, gelijkgesteld met de Griekse god Hephaistos.

Vertumnus

Latijnse god van de seizoenen en het wisselen ervan. Hij was ook de beschermgod van tuinen en ooft. Hij was gehuwd met Pomona, godin van de vruchtenoogst.

Virtus

Het Italiaanse woord virtù verwijst naar het Latijnse virtus. In virtus zit het woord vir, dat man betekent. Virtus staat voor mannelijkheid. Aanvankelijk betekende dit dapper zijn, voorop gaan in de strijd, dapper vechten. In latere tijden kreeg het begrip een ruimere betekenis en omvatte het een aantal Romeinse deugden: prudentia (omzichtigheid), iustitia (rechtvaardigheid), temperantia (zelfcontrole) en fortitudo (moed). Een Nederlandse vertaling ‘deugdzaamheid’ dekt zeker niet ten volle het begrip zoals de Romeinen het begrepen.

< W >

Werken van Herakles

De Twaalf Werken die Herakles moest uitvoeren, toen hij koning Eurystheus diende. Deze waren: 1. het doden van de Nemeïsche leeuw; 2. het doden van de Hydra van Lerna; 3. het vangen van de Erymantische ever; 4. de jacht op de hinde van Cerynea; 5. het reinigen van de stal van Augias; 6. het ombrengen van de Stymphalische vogels; 7. het vangen van de Kretenzische stier; 8. het temmen van de mensenetende paarden van Diomedes; 9. het stelen van de gordel van Hyppolyte, koningin der Amazonen; 10. het stelen van de runderen van Geryon; 11. het roven van de gouden appels der Hesperiden en 12. het weghalen van de hellehond Cerberus uit de Onderwereld.

< X >

< Y >

< Z >

Zephyr

De westenwind, gepersonifieerd door de Griekse god Zephyros.

Zeus

De oppergod van het Griekse Olympische pantheon, vader en koning van goden en mensen. Hij wordt beschouwd als de heerser over de hemelen, hanteerder van donder en bliksem, verzamelaar van wolken en brenger van vruchtbare regen. De Romeinen stelden hem gelijk met hun oppergod Juppiter.