Home / Alle componisten / Orlandus Lassus

Orlandus Lassus

Orlandus Lassus (1532-1594)

Orlandus Lassus (ook genoemd als Orlando di Lasso of Roland de Lassus) werd in 1532 geboren in Mons (Henegouwen), waar hij ook zijn eerste muzikale vorming kreeg in de Église Saint-Nicolas-en-Havré. Na twee pogingen om hem omwille van zijn mooie stem te ontvoeren, kreeg hij van zijn ouders toestemming om onder geleide van Ferrante Gonzaga, de onderkoning van Sicilië, in Italië zijn opleiding verder te zetten. Tussen 1544 en 1554 vervulde Lassus functies in Palermo, Milaan, Napels en Rome. In deze laatste stad werd hij in 1552 als 20-jarige de functie van kapelmeester aangeboden aan Sint-Jan van Lateranen.

Vanaf 1554 reisde Lassus door Frankrijk en Engeland en verbleef hij in Antwerpen en in 1556 werd hij als tenorzanger aangeworven aan het hof van hertog Albrecht van Beieren in München. Vanaf 1562 tot aan zijn dood leidde hij er de hofkapel, wat het Beierse hof tot een van de meest vooraanstaande centra van de polyfone muziek maakte in West-Europa. Ondertussen reisde Lassus doorheen Europa: onder meer naar Praag, Frankfurt, de Nederlanden, Italië, Parijs, Innsbruck en Wenen. Naar aanleiding van de reis naar Parijs poogde de Franse koning Karel IX hem weg te kapen voor zijn hofkapel, maar Lassus bleef in München tot aan zijn dood in 1574.

Lassus werd door tijdgenoten boven andere componisten gesteld, zoals blijkt uit bijnamen als Vorst der muziek en Belgische Orpheus.

Orlandus Lassus beoefende alle genres van de vocale muziek, die hij met onvergankelijke meesterwerken verrijkte. Aan elk genre in om het even welke taal wist hij zich blijkbaar zonder enig probleem aan te passen. Zijn specialiteit was het Latijnse motet, op Bijbelse of andere religieus geïnspireerde teksten. Daarnaast schreef hij heel wat functionele muziek voor de liturgie: missen, Magnificats, lamentaties, hymnes en passies. Ook voelde hij zich goed thuis in het Franse chanson en het Duitse lied, in de villanella en het madrigaal op Italiaanse tekst.

Vanaf zijn eerste composities werd Lassus geprezen omdat hij er in slaagde door zijn muziek een dimensie toe te voegen aan de tekst. Vertrekkend vanuit het initiatief (imitatief?) contrapunt, waarmee hij was opgegroeid, verrijkt hij het strikt technisch-structurele aspect van de polyfonie met een tot dan toe ongehoorde expressiviteit. Josquin Desprez en Adriaan Willaert waren hierbij zijn grote voorbeelden (fragment uit het begeleidend boekje bij de CD-uitgave De Vlaamse Polyfonie, uitgegeven door Davidsfonds/Eufoda 1993).